Wat is een school, eigenlijk? Kunstzone 1, 2015

Advertenties

Docenten bepalen de richting, Mirjam van Tilburg, 2013

Docenten bepalen de richting.Het potentieel van docenten beeldende kunst en vormgevingHet kapitaal van een school zijn de docenten. De status van de docent is laag omdat het maatschappelijke beeld van de docent negatief is. De eisen aan het nieuwe docentschap beeldende kunst en vormgeving (BK&V) zijn echter verregaand. De focus in de meeste vakliteratuur is …

Parallelle Blik, Kunstenaars benutten school als onderwerp, context of strategie. Kunstzone 1, 2013

parallelle blik Kunstenaars benutten school als onderwerp, context of strategie. Het kan lijken alsof kunstenaars in educatieve projecten het wiel aan het uitvinden zijn. Soms hebben kunstenaars als ze de klas in stappen als enig handvat hun idealisme. Alsof er geen aandacht voor het vak doceren is binnen de kunsten, alsof er in de kunstwereld …

Disciplinary Residence, Mirjam van Tilburg, 2009

Disciplinary Residence, Mirjam van Tilburg, 2009

‘Disciplinary Residence’ is een gedachte-experiment naar zelfdiscipline. Een beschavingsoffensief of opvoedingsgesticht voor beginnende kunstenaars. Het werk ‘Disciplinary Residence’ is een beeldende vertaling, in de vorm van een maquette en een publicatie, van een reeks interviews met beeldend kunstenaars over hun beroepspraktijk, werkwijze, zelfdisciplinering en intrinsieke motivatie.
Het is een fictief instituut voor beginnende kunstenaars die na de kunstacademie moeite krijgen met het hoog houden van hun intrinsieke motivatie waardoor ze dreigen te stoppen met hun beroepspraktijk. In dit instituut krijgen ze een training waarbij extrinsieke discipline hen stimuleert om door te zetten.

Cultuurplein magazine 5, 2012

Cultuurplein magazine 5

Cultuurplein magazine 5

http://www.cultuurnetwerk.nl/producten_en_diensten/publicaties/pdf/Cultuurplein_Magazine_05_spread.pdf

Tekst: Design in beeld (pagina 28-29):

Witte wanden, een halve fiets aan een
muur. In het Designhuis overheerst
bewondering bij de leerlingen. Ze durven
nog net iets aan te raken, ze zijn
duidelijk te gast en hun houding is
consumeren. Het is voor de leerlingen
een plek om te bezoeken, dit in tegenstelling
tot hun school waar ze de
vrijheid voelen om zich te gedragen
als gebruikers.
Op het Segbroek College in Den Haag
lijken de leerlingen, die werken aan
een longboard, eigenaar van hun eigen
proces te zijn. Ze zijn ontspannen
en geconcentreerd, er is duidelijk
sprake van een intrinsieke motivatie
om iets te maken. Ze voelen de vrijheid
om gereedschap te gebruiken
op een manier die niet gebruikelijk is.
Zo ben ik benieuwd wat de functie
van de borstel en een schroevendraaier
is bij het aanbrengen van een tekst
op een longboard.
In het schoolgebouw zijn ze gebruikers
en minder consument. De jongeren
zullen zich in de toekomst
steeds meer gedragen als gebruiker
van ontwerpen. Ze zullen ontwerpen
minder zien als iets wat ‘af’ is, maar
als iets wat je je eigen kan maken,
oftewel ‘Open Design’ (www.opendesignnow.
org). De ‘prosument’ ontwikkeld
samen met de ontwerper een
persoonlijk ontwerp. In de foto van de
tweedeklassers van het Segbroek zie
je ze met Barbies werken en ontwerpen,
maar ‘prosument’ zijn ze vooral
dankzij het zelfgeknoopte armbandje.
Zoals leerlingen thuis geknoopte
armbandjes maken, zo zullen ze
steeds meer zelf ontwerpen downloaden
en verpersoonlijken dankzij
technieken als 3D-printers en lasercutters.
Dit kan van alles zijn van servies
tot kleding.
De rol van de ontwerper verandert,
van auteur van een ‘af’ product meer
naar een ontwerper van een kader,
structuur, zoals bijvoorbeeld Wikipedia.
Net als we in het verleden
transformeerden van ambacht naar
massa-productie, zoeken ontwerper
en gebruiker nu naar een nieuw balans
in de overgang tussen massaproductie
en open design. De kracht
van de huidige docent kunstvakken
zit precies op die transformatie van
consument naar ‘prosument’: het zijn
experts van een kader scheppen,
ruimte geven aan een artistieke participatie.

Mirjam van Tilburg

 

Quote uit: Leren op locatie prikkelt enorm, pag 14-19

Mirjam van Tilburg, onderwijsmanager bij de hboopleiding
Docent Beeldende Kunst en Vormgeving op
Willem de Kooning Academie Rotterdam: “Het imago dat
Nederland internationaal verworven heeft met mode en
design is enorm belangrijk. Het is ook een groot exportproduct
van de creatieve industrie. Het voortgezet onderwijs
houdt zich echter vooral bezig met autonome kunst.
Dat is ook belangrijk, voor onder andere de zelfexpressie
van leerlingen. Maar er ontstaat nu een gat tussen het belang
van de creatieve industrie en wat er op scholen in de
creatieve vakken gebeurt.”
De Willem de Kooning Academie probeert zijn studenten
daarom op te leiden tot docenten VO die dat belang inzien.
“Sowieso gaat er heel veel veranderen op designgebied
de komende jaren. Net zoals je open software hebt, komt
er steeds meer open design. Dat houdt in dat een ontwerp
niet af is als de maker er klaar mee is, de consument kan
er dan nog mee verder. Neem een jurk van Lady Gaga, het
ontwerp daarvan staat op openbare websites. Een ander
kan dat aanpassen. Als ontwerper moet je je dus afvragen
hoeveel ruimte je laat in je ontwerp, net zoals je als docent
in een les moet afvragen hoeveel ruimte je laat voor de
inbreng van de leerling.”
De studenten van De Kooning voeren hun lessen uit met
leerlingen van onder andere het Thorbecke Voortgezet
Onderwijs. “In die samenwerking komen de leerlingen naar
onze Creative Highschool om in de werkplaatsen te werken,
bijvoorbeeld met fotografie, hout bewerken, mode en
design. De leerlingen hebben de beschikking over apparatuur
als 3D-printers, onze studenten kunnen zich goed
voorbereiden en hier alles organiseren en wij kunnen goed
observeren hoe onze studenten het voor een groep doen.
Het mes snijdt dus aan meerdere kanten.”